Onderzoeksproject 2015

Publiekssamenvatting 'Met gouddraadjes vierdimensionaal bestralen bij alvleesklierkanker' door KWF - 6 december 2016

Onderzoeksproject Vierdimensionale bestralingstechniek alvleesklierkanker

Jaarlijks krijgen in Nederland ongeveer 2000 mensen alvleesklierkanker. Een agressieve soort kanker waarvan de prognose extreem slecht is. In het Academisch Medisch Centrum (AMC) is in juni 2012 het vierjarige onderzoeksproject Vierdimensionale bestralingstechniek alvleesklierkanker gestart. Dit wordt volledig financieel ondersteund door Bergh in het Zadel. Door het implementeren van kleine gouddraadjes in de tumor wordt de tumor direct voorafgaand aan elke bestraling met een speciale CT-scanner zichtbaar gemaakt. Daardoor kan de bestraling beter op de tumor worden gericht en kunnen de onzekerheidsmarges worden verkleind. Voordeel  is dat omliggende organen minder schade oplopen en de patiënt minder bijwerkingen krijgt. In combinatie met een uit te testen ademhalingstechniek kan er waarschijnlijk nog nauwkeuriger worden bestraald.

Hoofd afdeling klinische fysica radiotherapie Arjan Bel en fysicus-postdoctoraal onderzoeker Astrid  van der Horst maken deel uit van het onderzoeksteam Vierdimensionale bestralingstechniek  alvleesklierkanker. Op Kasteel Huis Bergh leggen ze aan de geïnteresseerde Ambassadeurs uit wat  het onderzoek inhoudt. Bel: "Bij een groep van 15 patiënten plaatsen we markers in de vorm van  kleine gouddraadjes. Met een endoscoop die door de slokdarm en maagwand gaat, kunnen we de  gouddraadjes van nog geen millimeter dik en 1 tot 2 centimeter lang plaatsen. Door middel van deze  gouddraadjes kunnen we voorafgaand aan elke bestraling visualiseren waar de tumor zich bevindt,  waardoor de marges worden beperkt en we nauwkeuriger kunnen bestralen. Daardoor zullen er voor  de patiënt minder bijwerkingen zijn en wordt het mogelijk om hogere bestralingsdoses te gebruiken  zonder dat stralingsgevoelige organen als de maag, lever of darmen worden beschadigd.
 "De patiënt wordt gedurende vijf weken vijf dagen per week behandeld. Momenteel wordt er voor de  start van de gehele behandeling een CT-scan gemaakt van tien fasen van de ademhaling. Die data  worden gebruikt om geschikte veiligheidsmarges van de tumor te bepalen. Daarnaast maken we elke  dag voorafgaand aan de bestraling met een Cone Beam CT apparaat, dat op het bestralingsapparaat  gemonteerd zit, ook een CT-scan. Een soort 3-D röntgenfoto met dwarsdoorsneden van het lichaam.  De tumor zit van dag tot dag op een andere plek, soms met centimeters verschil. Dat kan  veroorzaakt worden door bijvoorbeeld een volle maag of de ademhaling", vult onderzoeker Van der  Horst aan. "We leggen de positie van de tumor vast. Aan de hand van die scan zie je waar die dag de  bestralingspunten zitten. Dit willen we op termijn gaan combineren met een speciale  ademhalingstechniek, waarbij de patiënt de adem vasthoudt, zodat de tumor op dezelfde plaats blijft  tijdens de bestraling. Deze techniek is nieuw. We verwachten hiermee minder bijwerkingen te  krijgen en we hopen dat het op den duur ook levensverlengend kan zijn. Niet altijd heb je bij een  onderzoek zo snel de resultaten zichtbaar. Vaak is dat pas na jaren, bij dit onderzoek hebben we in  heel kort tijdsbestek resultaten waarmee we verbeteringen aan de behandeling kunnen invoeren.  Momenteel ben ik bezig met het schrijven van een wetenschappelijk artikel voor een vaktijdschrift over de variatie in plaats van de pancreastumor gemeten met behulp van de gouddraadjes."

Onderzoek hard nodig

Radiotherapeut-oncoloog dr. Geertjan van Tienhoven heeft als speciaal aandachtsgebied alvleesklierkanker en is een van de projectleiders van het onderzoek. Van Tienhoven: "We werken altijd met het KWF en dat dit onderzoek door Bergh in het Zadel wordt betaald, is fantastisch. Het is me wel een doorn in het oog dat de overheid zo weinig investeert in dit soort onderzoek en dat we dus volledig van de particuliere sector afhankelijk zijn. Gelukkig haalt deze particuliere sector zoveel geld op. Het AMC is heel blij dat dit onderzoek gedaan kan worden. Vergeleken met andere kankersoorten in de Westerse wereld blijft de prognose van het pancreascarcinoom extreem slecht. Dit is al decennia onveranderd. Meer onderzoek is dus erg hard nodig. Alvleesklierkanker in Nederland de negende meest voorkomende vorm van kanker, en is het vijfde type kanker qua doodsoorzaak.  Jaarlijks krijgen ruim 2000 mannen en vrouwen deze vorm van kanker. Helaas overleeft maar tien procent. Dat heeft mede te maken met dat het vaak laat ontdekt wordt. Iemand heeft lange tijd weinig of vrij algemene klachten die je niet direct relateert aan ziek zijn. Klachten als: zich niet fit voelen, misselijk, zeurende pijn in buik of rug, weinig eetlust, gewichtsverlies en een slechter werkende spijsvertering, die ook bij iedere buikgriep kunnen optreden. Meestal wordt het ontdekt als iemand geelzucht krijgt, doordat de galwegen zijn afgesloten. Dan is de tumor in veel gevallen al doorgegroeid in het omliggende weefsel, met name in een aantal belangrijke dichtbijgelegen bloedvaten. Daardoor is een operatie vaak niet meer mogelijk. Maar vijftien procent van de patiënten is operabel en daarvan overleeft uiteindelijk maar tien procent. Als een tumor resectabel ofwel verwijderbaar lijkt wordt eerst een proefoperatie uitgevoerd. Hierbij wordt gekeken of de tumor er echt uitgehaald kan worden en als dit zo is worden de tumor en het omringende weefsel zoveel mogelijk verwijderd. Helaas blijkt geregeld tijdens de proefoperatie dat de tumor toch niet te verwijderen is. Binnenkort start de PREOPANC trial. Dat is een landelijk klinische studie waarin een groep patiënten bij wie de tumor net niet of net wel tegen deze bloedvaten aan gegroeid is wordt verdeeld in twee groepen. Een groep bij wie meteen een proefoperatie wordt uitgevoerd en een groep bij wie eerst een combinatie van radiotherapie en radiochemotherapie wordt gegeven. We hopen daarmee aan te tonen dat radiochemotherapie voorafgaande aan de operatie de kans op het slagen van de operatie verhoogt en daarmee de overlevingskans van de patiënten. Ons vierjarig project is direct gekoppeld aan deze PREOPANC studie. We proberen met ons project de nauwkeurigheid van de bestraling te vergroten en de veiligheidsmarges te verkleinen, waardoor deze behandeling met minder bijwerkingen kan worden gegeven. Vooruitlopend op de PREOPANC trial hebben we de pilot studie met fiducial markers gedaan die hierboven beschreven is. De resultaten daaruit zullen in de PREOPANC trial worden meegenomen en we hopen tijdens die trial de bestralingstechniek nog verder te verbeteren."

Zware behandeling

Van Tienhoven: "Tijdens de radiotherapie wordt de tumor bestraald met röntgenstraling met een hoge energie. Alle cellen raken hierdoor beschadigd en kunnen doodgaan, maar tumorcellen zijn meestal gevoeliger voor straling dan gezonde. Bestraling bij lokaal uitgebreide, niet operabele alvleesklierkanker wordt vooral toegepast om door de tumor veroorzaakte pijn te bestrijden. De bestraling remt de tumorgroei af en mogelijk wordt de tumor ook door de bestraling verkleind. Maar de patiënt kan in die situatie niet meer genezen worden. Daarnaast zoeken we naar mogelijkheden, zoals in de PREOPANC trial, om met behulp van radiochemotherapie de kansen van alvleesklierkankerpatiënten te verbeteren. De behandeling met radiochemotherapie is loodzwaar voor de patiënten. Ze zijn vaak extreem moe en misselijk, hebben slechte eetlust en moeite om op gewicht te blijven. We hopen deze klachten te kunnen verlichten. In de afgelopen anderhalf jaar hebben we patiënten benaderd die in aanmerking kwamen voor radiochemotherapie en hun medewerking gevraagd aan de goudmarker-studie. Ruim 80 procent is bereid om mee te werken aan dit onderzoek. Patiënten zijn nadrukkelijk bereid iets extra's te doen voor hun toekomstige lotgenoten. Als we goede en degelijke data hebben, zullen we dit onderzoek in wetenschappelijke tijdschriften publiceren.

Onderzoeksteam Vierdimensionale bestralingstechniek alvleesklierkanker

Verantwoordelijk voor de bestraling (afdeling Radiotherapie):

  • Radiotherapeut-oncoloog en projectleider dr. Geertjan van Tienhoven
  • Radiotherapeut-oncoloog drs. Raquel Dávila Fajardo
  • Hoofd afdeling klinische fysica radiotherapie en projectleider dr. Arjan Bel
  • Postdoc en fysicus dr. Astrid van der Horst
  • Promovendus en fysicus drs. Eelco Lens

Verantwoordelijk voor ondermeer implanteren van gouddraadjes die de tumor visualiseren (afdeling Gastroenterologie en Hepatologie)

  • Maag Darm Lever arts (en projectleider) prof. dr. Paul Fockens
  • Maag Darm Lever arts dr. Jeanin van Hooft

De alvleesklier ofwel de pancreas is een belangrijk orgaan in ons lichaam. Het is langwerpig, ligt net onder onze maag, is ongeveer 12-15 cm lang en een paar centimeter dik. De alvleesklier is aangesloten op de twaalfvingerige darm die vast zit aan de maag. Een belangrijk orgaan omdat het ons helpt met een groot aantal dingen. De alvleesklier maakt enzymen en een aantal hormonen aan, waaronder insuline. De hormonen (zoals onder andere insuline en glucagon) beïnvloeden de stofwisseling, het spijsverteringsproces en het functioneren van de darmen. Zij reguleren onder andere de bloedsuikerspiegel. Ook helpt de alvleesklier met het verteren van ons eten. Af en toe worden een aantal enzymen aangemaakt die bijvoorbeeld vetten en/of eiwitten afbreken of koolhydraten omzetten in suiker. Dit moet gebeuren omdat onze darmen de voedingsstoffen anders niet op kunnen nemen. Wanneer de darmen geen voedingsstoffen kunnen opnemen treedt uiteindelijk gewichtsverlies op. Bij alvleesklierkanker zit er een gezwel in de alvleesklier. Door de plek van een dergelijke tumor gebeurt het vaak dat de afvoerbuis van de alvleesklier en de lever verstopt raken. De tumor groeit ook vrij gemakkelijk buiten de alvleesklier door, bijvoorbeeld in bloedvaten die daar heel dicht in de buurt zitten. Zoals alle vormen van kanker kan een pancreascarcinoom ook uitzaaien in lymfeklieren of in andere organen, vooral in de lever.

De alvleesklier bestaat uit drie delen:

  • De kop. Deze bevindt zich onder de lever, tegen de twaalfvingerige darm (eerste deel van de dunne darm).
  • Het lichaam of middengedeelte dat achter de maag ligt.
  • De staart die dicht bij de milt ligt.

Bij de overgang van de kop naar het lichaam van de alvleesklier lopen enkele grote en belangrijke bloedvaten. Onder de alvleesklier ligt de dunne darm. Door de alvleesklier loopt een afvoerkanaaltje. Via de kop van de alvleesklier mondt dat kanaaltje samen met het afvoerkanaaltje van de lever (de galweg) uit in de twaalfvingerige darm. Die plek heet de papil van Vater. De enzymen die de alvleesklier aanmaakt, komen via het afvoerkanaaltje van de alvleesklier en de papil van Vater in de twaalfvingerige darm terecht.

(bron: KWF Kankerbestrijding en www.alvleesklier.net)